ALGEMENE LEVERINGS- EN BETALINGSVOORWAARDEN ZAKELIJKE MARKT BOVAG SCHADEHERSTELBEDRIJVEN


Versie 1 februari 2022
ALGEMEEN
Deze algemene voorwaarden gelden met ingang van 1 februari 2022. Zij gelden voor opdrachten
tot schadeherstel van zaken, gesloten tussen leden van BOVAG Schadeherstelbedrijven en
opdrachtgevers die handelen voor doeleinden die binnen hun bedrijfs- of beroepsactiviteit vallen.


ARTIKEL 1 – DEFINITIES
In deze voorwaarden wordt verstaan onder:
een zaak: het object waarop de offerte of de opdracht tussen het bedrijf en opdrachtgever
betrekking heeft, zoals een personenvoertuig, een bestelauto met een totaalgewicht incl.
laadvermogen van maximaal 3.500 kg, of de onderdelen of accessoires van deze voertuigen;
de opdrachtgever: degene die – voor doeleinden die binnen zijn bedrijfs- of beroepsactiviteiten
vallen – het bedrijf de opdracht geeft tot het uitvoeren of doen uitvoeren van schadeherstel-
werkzaamheden aan een zaak, of de verzekeraar van de opdrachtgever namens de
opdrachtgever;
de opdracht: de met de opdrachtgever gesloten overeenkomst tot het verrichten van
schadeherstelwerkzaamheden aan een zaak;
het bedrijf: degene die met betrekking tot een zaak werkzaamheden zoals inspecteren en advies
en schadeherstel uitvoert of doet uitvoeren;
overmacht: – oorlog of een daarop gelijkende situatie, oproer, sabotage; – brand, blikseminslag, explosie, uitstroming van gevaarlijke stoffen of gassen; – storing in de energievoorziening, fabrieks- of bedrijfsstoring van welke aard dan ook; – boycot, bedrijfsbezetting, blokkade voor zover uitgevoerd door anderen dan bij het bedrijf in
dienst zijnde werknemers; – transportbelemmeringen, vorstverlet, in- en uitvoerverboden; – niet toerekenbare tekortkoming(en) van derden die door het bedrijf zijn ingeschakeld; – belemmeringen veroorzaakt door maatregelen vanuit de overheid; – epidemieën; – diefstal, verduistering of beschadiging van zaken uit magazijn, werkplaats of ander
bedrijfsterrein van het bedrijf, of tijdens transport; – en ook elke (andere) omstandigheid waardoor de normale gang in het bedrijf wordt
belemmerd, of ten gevolge waarvan de nakoming van de overeenkomst in redelijkheid
niet van het bedrijf kan worden verlangd.
Het in deze definitie van overmacht bepaalde geldt ook wanneer dit soort omstandigheden zijn
leveranciers of andere door het bedrijf ingeschakelde derden treffen.
schriftelijk: in geschrift of elektronisch.

ARTIKEL 2 – ALGEMEEN
1. Als deze algemene voorwaarden een onderdeel zijn van opdrachten, zijn de bepalingen van
deze voorwaarden hierop en ook op hieruit voortvloeiende opdrachten en andere
rechtshandelingen van kracht, tenzij door partijen hiervan uitdrukkelijk en schriftelijk is
afgeweken.
2. Als de algemene voorwaarden eenmaal van toepassing zijn, blijven zij van toepassing op
nieuwe overeenkomsten tussen partijen, tenzij uitdrukkelijk anders is overeengekomen.
3. Afwijkingen moeten schriftelijk gebeuren en zij raken de gelding van de overige voorwaarden
niet en gelden nooit voor meer dan één transactie.
4. Deze algemene voorwaarden zullen altijd voorrang hebben op voorwaarden die eventueel door
de opdrachtgever worden gehanteerd. Voor zover nodig wijst het bedrijf hierbij uitdrukkelijk de
toepasselijkheid van die algemene voorwaarden van de opdrachtgever van de hand.
5. Bij strijdigheid tussen de inhoud van de opdracht en deze voorwaarden gaan de bepalingen uit
de opdracht voor, voor zover deze opdracht schriftelijk is.
6. Het bedrijf heeft het recht deze voorwaarden te allen tijde te wijzigen.


ARTIKEL 3 – HET TOT STAND KOMEN EN WIJZIGEN VAN DE OPDRACHT TOT SCHADEHERSTEL,
VOORBEHOUD DIRECTIE
1. Elke aanbieding (waaronder nadrukkelijk ook een offerte wordt verstaan) is gebaseerd op de
uitvoering van de opdracht door het bedrijf onder normale omstandigheden en tijdens normale
werkuren.
2. Aanbiedingen worden geacht vrijblijvend te zijn gedaan ook als het aanbod een termijn voor
het aanvaarden daarvan inhoudt. Als uit (de aard van) een aanbod zelf geen termijn voor
aanvaarding blijkt dan is het gedurende twee weken na dagtekening van het aanbod geldig.
3. Het bedrijf probeert zijn offertes (inclusief prijslijsten, brochures en andere gegevens en
omschrijvingen) zorgvuldig te formuleren, maar gebruiker is niet aansprakelijk voor fouten en
verschrijvingen. Kleine afwijkingen zijn mogelijk.
De in brochures, afbeeldingen, tekeningen, maat- en gewichtsopgaven en dergelijke vermelde
gegevens zijn alleen bindend als deze uitdrukkelijk zijn opgenomen in een door partijen
ondertekende opdracht of een door de opdrachtgever ondertekende opdrachtbevestiging.
4. Als er geen schriftelijke opdracht door het bedrijf is afgegeven, geldt de schriftelijke
bevestiging van het bedrijf dan wel diens afleveringsbon of de factuur als bewijs van het
bestaan van en van de inhoud van de opdracht, behoudens tegenbewijs.
5. Partijen kunnen slechts schriftelijk afwijkende algemene leverings- of betalingsvoorwaarden
overeenkomen en de opdracht kan ook alleen schriftelijk gewijzigd worden. Wijzigingen zullen
geen deel uitmaken van deze algemene voorwaarden.
Wijzigingen in een opdracht voor werkzaamheden. Als tijdens het uitvoeren van
werkzaamheden blijkt dat deze niet of niet geheel uitvoerbaar zijn vanwege de staat van de
zaak of de door de opdrachtgever ter beschikking gestelde onderdelen en materialen, zal het
bedrijf de opdrachtgever daarvan op de hoogte brengen. Partijen zullen dan in onderling
overleg bepalen of de opdracht dient te worden gewijzigd, voor zover geen relevante stelposten
of verrekenbare hoeveelheden zijn opgenomen. Prijsverhogingen voortvloeiende uit op verzoek
van de opdrachtgever verrichte aanvullingen en/of wijzigingen van de opdracht zijn voor
rekening van opdrachtgever. Zodra het bedrijf voorziet dat een in de opdracht opgenomen
geïndiceerd bedrag (of bedragen) met meer dan 10% zal overschrijden, is het bedrijf gehouden
de opdrachtgever hiervan in kennis te stellen. Partijen zullen alsdan in onderling overleg
bepalen of de opdracht dient te worden gewijzigd. Zowel het bedrijf als de opdrachtgever
hebben het recht om dan de opdracht te ontbinden, zonder dat enige ingebrekestelling
noodzakelijk is. De door het bedrijf tot het moment van ontbinding verrichte werkzaamheden
zullen in dat geval evenwel door de opdrachtgever verschuldigd blijven net als de met het werk
gepaard gaande kosten.
6. Alle opdrachten en de wijzigingen hierin worden aangegaan onder de opschortende
voorwaarde van de goedkeuring door de directie. Deelt de directie van het bedrijf niet binnen
twee dagen na de bevestiging van de (gewijzigde) opdracht mee dat de (wijziging van de)
opdracht niet wordt geaccepteerd, dan wordt deze order geacht te zijn gesloten.


ARTIKEL 4 – PRIJZEN, GOEDKEUREN FACTUREN EN OVERZICHTEN, KOSTEN SCHADETAXATIES
1. Iedere opgave van een prijs op te leveren werk wordt geacht vrijblijvend te zijn gedaan, tenzij
expliciet schriftelijk een vaste prijs is overeengekomen. Prijsverhogingen voortvloeiende uit op
verzoek van de opdrachtgever verrichte aanvullingen en/of wijzigingen van de opdracht, zijn
voor rekening van de opdrachtgever. Zodra het bedrijf voorziet dat hij een in de opdracht
geïndiceerd bedrag met meer dan 10% zal overschrijden is hetgeen dat staat in artikel 3 lid 5
aan de orde.
2. Prijzen zijn berekend voor levering ter vestigingsplaats van gebruiker. Bij aflevering elders op
verzoek van opdrachtgever zijn de daaraan verbonden meerkosten voor diens rekening.
3. Alle prijzen zijn exclusief omzetbelasting en overige op de levering vallende overheidslasten en
heffingen, verpakkingskosten, tenzij door het bedrijf schriftelijk anders wordt gemeld.
4. Als na het doen van een aanbieding of na de totstandkoming van een opdracht en voor het
overeengekomen tijdstip van oplevering van het werk de prijzen van hulpmaterialen,
grondstoffen, onderdelen, lonen en andere prijsbepalende factoren zijn verhoogd, Dan mag het
bedrijf de prijs overeenkomstig aanpassen, ook al is er sprake van onvoorziene
omstandigheden.
5. De verzekeraar heeft steeds inzage in het schriftelijke schadehersteldossier en de
opdrachtgever die er ook naar vraagt krijgt ook een afschrift.
6. Als de wederpartij niet binnen vijf dagen reageert op een gedetailleerd overzicht zoals bedoeld
in lid 5 of op een factuur voortvloeiend uit enige opdracht, dan wordt de opdrachtgever geacht
deze te hebben goedgekeurd.
7. Indien het bedrijf in opdracht van opdrachtgever een schadetaxatie heeft verricht, zullen aan de
opdrachtgever de werkelijk gemaakte kosten daarvan in rekening worden gebracht. De
taxatiekosten worden door partijen schriftelijk overeengekomen. Bij gebreke daarvan zijn in
redelijkheid vast te stellen taxatiekosten verschuldigd.


ARTIKEL 5 – REKENING EN RISICO VAN EEN ONDER BEHEER GEKOMEN ZAAK
Wanneer het bedrijf een zaak onder zijn beheer krijgt, omdat deze bijvoorbeeld voor schadeherstel
is aangeboden, dan blijft deze zaak voor rekening en risico van de opdrachtgever. Dit geldt niet
wanneer deze zaak beschadigd raakt, of verloren gaat terwijl er sprake is van opzet of grove
onachtzaamheid van het bedrijf.


ARTIKEL 6 – LEVERINGSTIJD OPDRACHT EN STALLINGS- OF OPSLAGKOSTEN
1. De vermoedelijke datum van de levering staat in de opdracht. Vervroegde aflevering mag.
Partijen kunnen afspreken dat later zal worden geleverd.
2. Als er geen datum van levering is overeengekomen in de opdracht, zal het bedrijf de
opdrachtgever tijdig van tevoren schriftelijk melden wanneer een herstelde zaak op de
vestigingsplaats van het bedrijf voor de opdrachtgever klaar zal staan om afgehaald te worden.
Is er een andere plaats afgesproken, dan meldt het bedrijf wanneer op de overeengekomen
plaats zal worden afgeleverd.
3. De levertijd voor op te leveren werk is nooit aan te merken als een fatale termijn in de zin van
artikel 6:83 sub a BW, maar is een vrijblijvend opgegeven termijn en is gebaseerd op de ten
tijde van het sluiten van de opdracht geldende werkomstandigheden en op tijdige levering van
de voor de uitvoering van het werk door het bedrijf bestelde materialen. Indien buiten schuld
van het bedrijf vertraging ontstaat ten gevolge van wijziging van bedoelde
werkomstandigheden of doordat voor de uitvoering van het werk tijdig bestelde materialen niet
tijdig worden geleverd, wordt de levertijd voor zover nodig verlengd.
4. Wijzigingen in de opdracht voor een op te leveren werk zoals bedoeld in artikel 3 lid 5 kunnen
eveneens leiden tot overschrijding van eventueel voorafgaand opgegeven levertijden. In geval
van wijziging wordt de levertijd geacht te zijn verlengd met een niet‐fatale termijn naar
verhouding met de overeengekomen wijzigingen.
5. Na het verrichten van de overeengekomen werkzaamheden en kennisgeving daarvan door de
gebruiker aan de wederpartij, dient de wederpartij de betreffende zaak binnen één week na
verzending van de kennisgeving op te halen. Indien de opdrachtgever hieraan niet voldoet, is zij
niettemin gehouden de verschuldigde prijs te betalen, als ware de zaak aan haar afgeleverd. In
dat geval mag het bedrijf bovendien redelijke stallings‐ of opslagkosten bij de opdrachtgever
in rekening brengen.
6. Overschrijding van de levertijd – door welke oorzaak ook – geeft de opdrachtgever geen recht
tot het zonder rechterlijke machtiging verrichten of doen verrichten van werkzaamheden ter
uitvoering van de overeenkomst.
7. Een op overschrijding van de levertijd gestelde eventuele contractuele boete moet geacht
worden in de plaats te komen van een eventueel recht van de opdrachtgever op
schadevergoeding. Een zodanige boete is niet verschuldigd indien de overschrijding van de
levertijd het gevolg is van overmacht.


ARTIKEL 7 – VERVANGEN ONDERDELEN
Als een opdrachtgever bij de opdracht vraagt om de oude onderdelen dan krijgt hij die na het
vervangen in zijn bezit. Wanneer er een garantieclaim moet worden afgehandeld tussen het bedrijf
en een garantiegever, zoals een fabrikant of een importeur, dan kan het bedrijf weigeren de
onderdelen af te geven. Als een opdrachtgever bij de opdracht vraagt om de oude onderdelen dan
krijgt hij die na het vervangen in zijn bezit. Als de opdrachtgever niet, of niet op tijd, om de
onderdelen heeft gevraagd, dan worden de vervangen onderdelen ook eigendom van het bedrijf,
zonder dat de opdrachtgever een vergoeding hiervoor krijgt.

ARTIKEL 8 – BETALING
1. Tenzij partijen schriftelijk uitdrukkelijk anders zijn overeengekomen, moet de betaling van de
totale overeengekomen prijs voor de oplevering van de dienst hebben plaatsgevonden, zonder
verrekening, inhouding of opschorting door de wederpartij. Betaling van meerwerk gebeurt
zodra dit aan de opdrachtgever in rekening is gebracht.
2. Wanneer betaling van opdrachten na de oplevering schriftelijk is overeengekomen, moet de
opdrachtgever de verschuldigde vergoeding of het resterende gedeelte voldoen binnen de
overeengekomen betalingstermijn zoals opgenomen in de offerte.
3. Het bedrijf kan op haar facturen een betalingstermijn van maximaal dertig (30) dagen
toepassen en legt die termijn vast in haar offerte.
4. De vordering van het bedrijf is echter per direct geheel opeisbaar, waarbij het verzuim van de
opdrachtgever tegelijkertijd intreedt, als:
4a. de opdrachtgever een verzoek tot surséance van betaling indient of surséance van betaling
is verleend, haar faillissement is aangevraagd of zij in staat van faillissement is verklaard
of tot boedelafstand overgaat;
4b. beslag op het geheel, dan wel een gedeelte van het eigendom van de opdrachtgever wordt
gelegd;
4c. de opdrachtgever haar bedrijf, of althans een wezenlijk deel daarvan, staakt, vervreemdt,
aandelen daarin overdraagt aan een derde of op andere wijze voortzet.
5. Schulden van de opdrachtgever – uit welke hoofde dan ook – dienen aan het bedrijf contant of
via bancaire overschrijving te worden voldaan.
6. De opdrachtgever wordt in de wederkerige overeenkomst met het bedrijf geacht als eerste te
presteren. De prestatie van het gebruik bestaat in dit verband uit op‐ of aflevering van het
verrichte werk
7. Als de opdrachtgever enig verschuldigd bedrag niet tijdig voldoet, is zij van rechtswege in
verzuim zonder dat enige ingebrekestelling noodzakelijk is. De opdrachtgever is vanaf dat
moment een rente verschuldigd van 1% per maand (waarbij een gedeelte van een maand als
maand wordt beschouwd) over het verschuldigde bedrag tot aan de gehele voldoening
daarvan, tenzij de wettelijke rente hoger is. In dat geval is de wettelijke rente verschuldigd tot
aan de gehele voldoening van enig verschuldigd bedrag. Alle buitengerechtelijke incassokosten
zijn voor rekening van de opdrachtgever. De opdrachtgever is aan buitengerechtelijke
incassokosten 15% over het verschuldigde bedrag verschuldigd met een minimum van ad
€200,- voor zover wettelijk toegestaan.
8. Bezwaren tegen de aan opdrachtgever verzonden facturen moeten binnen vijf dagen na de
vervaldatum bij aangetekend schrijven ter kennis van het bedrijf worden gebracht. Indien niet
binnen deze termijn bezwaar is gemaakt tegen een factuur, wordt opdrachtgever geacht met
de verzonden factuur in te stemmen.


ARTIKEL 9 – RETENTIERECHT VAN (SCHADE)HERSTELLER
Het bedrijf kan het retentierecht uitoefenen op alle zaken die het bedrijf voor of namens
opdrachtgever onder zich heeft. Het retentierecht wordt uitgeoefend wanneer de door het bedrijf
geleverde gerepareerde zaken niet (volledig) zijn betaald en dit wanprestatie is. Wanprestatie is
het toerekenbaar niet nakomen van een contractuele plicht. Het retentierecht kan ook worden
uitgeoefend vanwege eerder door het bedrijf aan dezelfde zaak verrichte werkzaamheden. Naast
het niet (volledig) betalen van een dienst is het niet betalen voor de schade, rente en kosten die
opdrachtgever aan het bedrijf verschuldigd is (of zal worden) op basis van een opdracht of deze
algemene voorwaarden ook een reden om retentierechten uit te oefenen.


ARTIKEL 10 – ONTBINDING OPDRACHT
1. Ontbinding van de opdracht vindt plaats door een schriftelijke verklaring van de daartoe
gerechtigde. Alvorens een schriftelijke ontbindingsverklaring tot een partij wordt gericht zal
deze te allen tijde de ander schriftelijk in gebreke stellen en deze een termijn van 30 dagen
gunnen om alsnog zijn verplichtingen na te komen dan wel tekortkomingen te herstellen
waarbij tekortkomingen nauwkeurig schriftelijk omschreven dienen te worden.
2. In geval van overmacht is het bedrijf binnen drie weken na het ontstaan van een
omstandigheid die overmacht oplevert gerechtigd tot de keuze. Of de opdracht wordt
buitengerechtelijk ontbonden. Of de termijn van aflevering van een dienst mag gewijzigd
worden. Beiden zonder een schadevergoeding te hoeven betalen. Na ontbinding van de
opdracht heeft het bedrijf recht op vergoeding van de door hem reeds gemaakte kosten en/of
uitgevoerde werkzaamheden.
3. Als opdrachtgever niet, niet tijdig, niet volledig of niet behoorlijk voldoet aan enige
betalingsverplichting, voortvloeiende uit enige met de gebruiker gesloten opdracht en uit deze
algemene voorwaarden, kan het bedrijf zonder ingebrekestelling en zonder rechterlijke
tussenkomst de opdracht onmiddellijk geheel of gedeeltelijk ontbinden.
4. Als opdrachtgever een natuurlijk persoon is, hebben de gezamenlijke erfgenamen bij zijn
overlijden de mogelijkheid om de werkzaamheden volledig uit te laten voeren, dan wel
begonnen werkzaamheden te doen staken met vergoeding van de kosten van reeds door het
bedrijf verrichte werkzaamheden. De gezamenlijke erfgenamen dienen binnen één maand na
het overlijden van de opdrachtgever die een natuurlijke persoon is aan de gebruiker schriftelijk
kenbaar te maken voor welke mogelijkheid wordt gekozen, bij gebreke waarvan het bedrijf het
recht heeft de opdracht zonder rechterlijke tussenkomst te ontbinden. De gezamenlijke
erfgenamen zijn en blijven in alle gevallen zoals genoemd in de eerste zin van deze bepaling
hoofdelijk aansprakelijk voor betaling van de vergoeding van het bedrijf.
5. Het bedrijf zal, als hij de opdracht ontbindt, gerechtigd zijn betaling te vorderen van de gehele
overeengekomen prijs, onverminderd het recht op vergoeding van de door hem geleden schade
en/of gederfde winst ten gevolge van de ontbinding van de opdracht. De winst wordt gesteld
op 15%.


ARTIKEL 11 – UITSLUITING WETTELIJKE GARANTIE, BOVAG
SCHADEHERSTELGARANTIE OP WERKZAAMHEDEN,
VERZEKERINGSDEKKING, AANSPRAKELIJKHEID
1. Uitsluiting rechten wettelijke garantie
Opdrachtgever komt niet de rechten toe die de wet de (koper-)
opdrachtgever niet handelend bij de uitoefening van beroep of bedrijf uit
dien hoofde geeft, zoals het recht ingevolge boek 7 BW dat het werk
aan de opdracht beantwoordt.
2. BOVAG schadeherstelgarantie op werkzaamheden
Het bedrijf garandeert -tenzij uitdrukkelijk anders is overeengekomen-
binnen de Europese Economische Ruimte en gedurende 48 maanden na het afleveren van de
gerepareerde zaak dat de door het bedrijf aangenomen of uitbestede opdrachten goed zijn
uitgevoerd. Tenzij opdrachtgever of diens verzekeraar iets anders afspreekt, monteert het
bedrijf nieuwe, originele reserveonderdelen of materialen, afkomstig van de fabrikant. Bij
vervanging van ruiten worden tevens ruiten gemonteerd die afkomstig zijn van de leverancier
van de fabrikant. De garantie wordt slechts gegeven op werkzaamheden en dus niet op de
hierbij gemonteerde materialen en onderdelen. Wanneer garantiewerkzaamheden niet mogelijk
of zinvol zijn, krijgt opdrachtgever een redelijke schadevergoeding. Onder de garantie valt het
kosteloos (laten) uitvoeren van de niet goed uitgevoerde bewerkingen. Het garantiewerk wordt
binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast uitgevoerd.
3. Andere bepalingen:
3a. De garantie geldt voor de opdrachtgever en ook voor personen die later eigenaar worden
van het herstelde.
3b. Staat de zaak op grote afstand van het bedrijf als opdrachtgever een beroep op garantie
doet en kan of mag er niet mee gereden worden, dan regelt het bedrijf een sleepauto. De
kosten van de sleepauto zijn voor rekening van opdrachtgever, tenzij hij met succes een
beroep op garantiewerkzaamheden heeft gedaan.
3c. Als reparaties worden uitgevoerd aan carrosserieën van personenvoertuigen of
bestelvoertuigen waarvoor nog de fabrieksgarantie geldt, wordt door het bedrijf ten aanzien
van de gerepareerde delen de resterende termijn van deze fabrieksgarantie overgenomen,
wanneer de opdrachtgever deze fabrieksgarantie ten gevolge van deze reparatie verliest, of
dreigt te verliezen.
4. Uitzonderingen op recht op garantie:
4a. De gevolgen van gebreken aan of ongeschiktheid van door opdrachtgever voorgeschreven
andere materialen/onderdelen of andere werkwijzen dan door het bedrijf wordt
geadviseerd, komen voor zijn rekening. Dit geldt niet als het bedrijf in deskundigheid of
zorgvuldigheid tekort is geschoten (art. 7: 760 BW). De schriftelijke of digitale opdracht
meldt dat de opdrachtgever andere onderdelen/materialen en/of andere werkzaamheden
voorschrijft.
4b. Wanneer opdrachtgever afziet van werkzaamheden die het bedrijf voor het opleveren
schriftelijk of elektronisch heeft geadviseerd, dan kan dit (als dat gelet op de
omstandigheden redelijk zou zijn) tot gevolg hebben dat opdrachtgever niet langer met
succes een beroep op garantie kan doen.
4c. Verzoekt opdrachtgever om een noodreparatie aan de zaak uit te voeren, dan wordt hier
geen garantie op gegeven. Een noodreparatie is een tijdelijke oplossing die bedoeld is om
de opdrachtgever weer op weg te helpen.
4d. De staat van een zaak kan te slecht zijn voor een beroep op garantiewerkzaamheden. Ook
als een zaak niet in de werkplaats van het bedrijf is voorbewerkt, kan er geen vordering
wegens BOVAG-schadeherstelgarantie volgen. De schriftelijke of digitale opdracht meldt dit.
4e. Opdrachtgever meldt een gebrek aan de herstelde zaak zo spoedig mogelijk na het
ontdekken van dat gebrek. Laat opdrachtgever dit na, dan kan dit (als dat gelet op de
omstandigheden redelijk is) tot gevolg hebben dat opdrachtgever niet langer met succes
een beroep op garantie kan doen.
4f. Opdrachtgever moet het bedrijf de gelegenheid geven een gebrek zelf op te (laten) lossen.
Zo niet, dan kan de opdrachtgever geen beroep op garantie doen, tenzij de situatie uit lid
4h zich voor doet.
4g. Wanneer een derde werk aan de door het bedrijf gerepareerde zaak, onderdeel of
accessoire uitvoert, kan opdrachtgever geen beroep doen op garantie vanwege deze
werkzaamheden, tenzij de situatie uit lid 4h. zich voordoet. Opdrachtgever heeft echter wél
een beroep op garantie, wanneer werk van een derde niets te maken heeft met het werk
dat het bedrijf al eerder had uitgevoerd of had laten uitvoeren.
4h. Een uitzondering op 4f of 4g kan zich voordoen in het geval van een directe noodzaak tot
herstel van de herstelde zaak. De noodsituatie moet zich dan op een locatie voordoen die
op grote afstand ligt van het bedrijf. Opdrachtgever moet deze noodzaak aan kunnen tonen,
bijvoorbeeld met gegevens van het derde bedrijf of met de kapotte onderdelen. Wordt
binnen de landsgrenzen van Nederland door een derde bedrijf hersteld, dan moet deze
derde lid zijn van BOVAG. Treedt de noodsituatie op buiten de landsgrenzen van Nederland
en is de zaak door een in het buitenland gevestigd derde bedrijf hersteld, dan worden de
kosten van dit buitenlandse bedrijf vergoed tot maximaal het prijspeil zoals bij het
schadeherstelbedrijf geldt.
4i. Wordt normaal of voorgeschreven onderhoud niet (of niet goed) gedaan en gaat een zaak
daardoor kapot, dan geldt de BOVAG-schadeherstelgarantie niet.
4j. Als personenschade ontstaat, een andere zaak raakt beschadigd of er ontstaan andere
kosten, dan wordt dit niet onder de BOVAG-schadeherstelgarantie vergoed.
4k. Van BOVAG-schadeherstelgarantie is uitgesloten: een bij daglicht niet met het blote oog
waarneembaar kleurverschil in de laklaag van de zaak, aantasting van de laklaag vanwege
een van buiten komende oorzaak (denk aan hagelschade) of defecten in de lak van
onderdelen die niet door het bedrijf zijn aangebracht of zijn bewerkt.
4l. De BOVAG-schadeherstelgarantie geldt niet voor normale slijtage, schade door bevriezing,
overbelasting, door het laten vallen van het geleverde of voor defecten die ontstaan door
deelname van herstelde zaken aan wedstrijden of snelheidsproeven.
5. Het beweerdelijk niet nakomen door het bedrijf van zijn garantieverplichtingen ontslaat de
opdrachtgever niet van de verplichtingen, die voor hem voortvloeien uit enige met het bedrijf
gesloten opdracht.
6. Aansprakelijkheid
6a. In lid 2 tot en met 4 van dit artikel staan de BOVAG-garantievoorwaarden en dat is de basis
om het bedrijf aan te kunnen spreken.
6b. Opdrachtgever kan daarnaast alleen aanspraak maken op het vergoeden van die schade,
die het voorzienbare en rechtstreekse gevolg is van een toerekenbare tekortkoming van het
bedrijf in de uitvoering van zijn verplichtingen van de opdracht. (Een toerekenbare
tekortkoming wordt ook wel een wanprestatie genoemd). Gevolgschade of indirecte schade
van de opdrachtgever wordt niet vergoed. Voorbeelden hiervan zijn onder andere:
bedrijfsschade, vertragingsschade (anders dan wettelijke rente), schade wegens
waardevermindering, dat er geen genot van een zaak of dat er geen winst is geweest. Dat
er verlies is geleden. Dat er kosten voor vervangend vervoer of huur- en leasekosten zijn
gemaakt. Dat goederen van derden of dat derden zelf schade hebben opgelopen. Dat er
sprake is van ladingschade, persoonlijke of immateriële schade. Het bedrijf is niet
aansprakelijk als er lading, inventaris, waardepapieren of documenten uit het voertuig
verloren gaan of gestolen worden, terwijl deze bij het bedrijf stond voor schadeherstel,
tenzij er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid van het bedrijf.
6c. Het gestelde onder b wil een schadeplafond geven. Als het bedrijf schade zal moeten gaan
vergoeden, dan geldt dat er nooit een bedrag voor vergoeding in aanmerking zal komen
dat hoger is dan het maximaal verzekerde bedrag, of het redelijkerwijs te verzekeren
bedrag.
6d. Opdrachtgever vrijwaart het bedrijf tegen alle aanspraken van derden, tenzij het bedrijf
volgens dit artikel aansprakelijk is.
6e. Voor en na schadeherstel leest het bedrijf de zaak uit. Komen er niet aan de opdracht
gerelateerde schadecodes naar voren dan maakt het bedrijf hiervan melding aan de
opdrachtgever en neemt het diagnoserapport op in het digitale schadehersteldossier.
Verder dan dit, gaan de verplichtingen van het bedrijf niet.


ARTIKEL 12 – RECHTS- EN FORUMKEUZE
1. Op alle opdrachten gesloten tussen het bedrijf en de opdrachtgever is uitsluitend het
Nederlands recht van toepassing. De toepasselijkheid van het Weens Koopverdrag wordt
uitdrukkelijk uitgesloten. Dit voor zover enige wet of verdragstekst deze rechtskeuze niet
uitsluit.
2. Geschillen zullen, als zij niet in onderling overleg kunnen worden opgelost, aanhangig worden
gemaakt bij en beslist worden door de bevoegde rechter in de vestigingsplaats van het bedrijf.